1. Je bedrijfsgegevens
Zet bovenaan wie je bent. Een klant moet je kunnen controleren en bereiken.
- Bedrijfsnaam en je eigen naam
- Adres, telefoonnummer en e-mailadres
- KvK-nummer
- Btw-identificatienummer
- Eventueel je website en IBAN
2. De gegevens van je klant
- Naam of bedrijfsnaam van de klant
- Adres van de klus, als dat afwijkt van het postadres
- Contactpersoon bij zakelijke klanten
3. Offertenummer en datum
Geef elke offerte een eigen nummer, bijvoorbeeld 2026-041. Dan vind je hem snel terug als de klant belt, en kun je hem later koppelen aan de factuur.
4. Een duidelijke omschrijving van het werk
Schrijf op wat je wél doet, en ook wat er níet in de prijs zit. Juist dat laatste voorkomt de meeste discussies.
- Welke ruimtes, oppervlakken of onderdelen
- Hoeveel: m², meters, stuks of uren
- Welk materiaal en welke kwaliteit
- Wat de klant zelf regelt, zoals leeghalen of afvoer
- Wat niet is inbegrepen
5. Prijzen per post, met btw
Zet elke post op een eigen regel met aantal, eenheid en prijs. Tel onderaan op tot een subtotaal, de btw en het totaal.
Werk je voor particulieren? Dan moet de prijs die je noemt inclusief btw en bijkomende kosten zijn. Zo schrijft de ACM het voor.
6. Geldigheid van de offerte
Noem hoe lang de offerte geldt, bijvoorbeeld 30 dagen. Materiaalprijzen veranderen, en je planning ook.
7. Planning en betaalafspraken
- Verwachte startdatum en duur
- Betaaltermijn, bijvoorbeeld 14 dagen na factuur
- Eventuele aanbetaling of termijnen
8. Voorwaarden en akkoord
Verwijs naar je algemene voorwaarden en zeg hoe de klant akkoord geeft: per handtekening, per e-mail of met een klik op een online link. Leg vast dat meerwerk alleen na overleg wordt uitgevoerd.